Deze week schoof onze collega dierenarts Stijn Peters aan bij het consumentenprogramma AvroTros Radar, op uitnodiging van de KNMvD. In de uitzending werd ingezoomd op de mogelijke milieu-effecten van vlooien- en tekenmiddelen.
Bepaalde werkzame stoffen, zoals fipronil en imidacloprid, worden door de overheid nauwlettend gemonitord. Ze mogen al langer niet meer worden gebruikt in de open landbouw, maar zijn in vlooien- en tekenmiddelen nog wel toegestaan. Uit onderzoek blijkt dat resten in het milieu kunnen belanden en daar schadelijke effecten hebben op insecten en waterleven.
Daarnaast werd duidelijk dat veel diereigenaren niet precies weten welk product zij kopen, of welke werkzame stoffen het bevat.
Wanneer is preventieve behandeling nodig?
De eerste vraag voor iedere eigenaar is: is preventieve behandeling noodzakelijk?
Een binnenkat of een hond die alleen korte wandelingen maakt, heeft vaak genoeg aan regelmatige controle met een vlooienkam.
Een kat die door tuinen struint of een hond die vaak in bos of heide komt, loopt wel degelijk risico en profiteert van preventieve behandeling.
Het antwoord hangt dus altijd af van de leefwijze van het dier.
Welke middelen zijn er?
In de praktijk zijn er verschillende opties: pipetten, banden, tabletten en injecties. Elk middel heeft eigen voor- en nadelen voor dier én milieu.
Pipetten en banden: de werkzame stof blijft in de vetlaag van huid en haren. Gooi losse haren daarom altijd bij het restafval.
Tabletten: de werkzame stof wordt grotendeels via de ontlasting uitgescheiden. Daarom is het extra belangrijk dat eigenaren honden- en kattenpoep altijd opruimen.
Injectie (hond): de belasting voor het milieu is kleiner, maar ook hierbij worden resten via de ontlasting uitgescheiden.
En de “natuurlijke alternatieven”?
In de dierenspeciaalzaak worden sprays en banden met etherische oliën aangeboden. Hoewel ze als plantaardig of natuurlijk in de markt worden gezet, is dat beeld misleidend. Voor de productie is veel landbouwgrond nodig en het proces versterkt juist de giftige eigenschappen. Bovendien ontbreekt vaak wetenschappelijk bewijs voor veiligheid en werkzaamheid.
Verantwoord gebruik: tips voor eigenaren
Ruim honden- en kattenpoep altijd op en deponeer dit bij het restafval.
Laat haren die behandeld zijn met vlooien- of tekenmiddelen niet achter in de natuur.
Vermijd zwemmen in natuurwater kort na behandeling.
Lever resten of verlopen middelen in bij de milieustraat, nooit in het riool of de prullenbak.
Hoe helpt PetCards?
Met PetCards kan de dierenarts of paraveterinair eenvoudig een zorgplan instellen voor vlooien- en tekenbestrijding. Het baasje krijgt via de app:
automatische herinneringen (maandelijks, elk kwartaal of jaarlijks, afhankelijk van het middel)
duidelijke informatie over het belang van preventie, ook tijdens vakanties
tips voor verantwoord medicijngebruik en milieuvriendelijke omgang met resten
Praktijken kunnen bovendien hun eigen naam en adviezen laten terugkomen in de artikelen in PetCards. Zo versterk je het contact met je klanten én stimuleer je samen verantwoord gebruik.
Conclusie
Het voorkomen van vlooien- en tekenplagen blijft belangrijk voor de gezondheid van huisdieren én hun eigenaren. Maar de keuze voor een middel en de manier waarop het wordt gebruikt, maakt verschil voor dier, mens én milieu.
Met goede voorlichting en slimme tools zoals PetCards zorg je dat eigenaren bewust kiezen en verantwoord omgaan met vlooien- en tekenmiddelen.
